Les Hollandais et le Morvan Afdrukken

Verslag van de Table Ronde, georganiseerd door de Academie du Morvan op 10 september 2005

Met veel dank aan de vertaler: Wim Kruize

Nederlanders en de Morvan.
‘Nog geen vijftien jaar geleden wekte het verbazing als je op een weg in de Morvan een auto tegenkwam met een Nederlands nummerbord. Tegenwoordig is het een zeldzaamheid als je een auto uit de Nièvre ziet’, schrijft Christian Charriot in Le Journal du Centre.   

De Académie du Morvan heeft zich voor dit verschijnsel willen interesseren en heeft op zaterdag 10 september 2005 in Château-Chinon een forum georganiseerd waarbij in twee ronden een panel  van Nederlanders en Fransen over hun ervaringen hebben verteld en hun standpunten hebben laten horen ten overstaan van een publiek van pakweg honderd mensen.



Dit forum was voorbereid aan de hand van een twintigtal interviews, die voor de helft gehouden waren met Nederlanders, bewoners van een tweede huis, gepensioneerden of ondernemers, en voor de helft met Fransen, plaatselijke bestuurders, ambtenaren of beroepsmensen die contacten onderhouden met de nieuwgekomenen.


Het doel van deze nota is verslag uit te brengen van wat er aan gedachten en meningen is uitgewisseld. Het zou onvoorzichtig zijn er definitieve conclusies aan te willen verbinden: het aantal geraadpleegden is te beperkt en te onsystematisch samengesteld: alle Nederlanders met uitzondering van twee hebben zich in het Frans uitgesproken en sympathie en begrip aan de dag gelegd ten aanzien van Frankrijk en de Morvan op een wijze die te gunstig afsteekt in vergelijking met het gemiddelde. Evenzo hebben de Franse sprekers blijk gegeven van een meer dan normale kennis en inleving met betrekking tot het onderwerp. Niettemin zijn de aangeroerde thema’s relevant en beantwoorden zij aan de doelstelling van de Académie du Morvan: bijdragen aan een collectieve bewustwording van dit nieuwe maatschappelijke fenomeen.

DE ROEP VAN HET GROEN


Dat plotselinge en in grote aantallen komen van onze noorderburen is niet een apart, incidenteel en kortstondig gebeuren maar behoort, in de nieuwe Europese context, tot wat een enorme trend van de 21e eeuw zal zijn, het opkomen van de ‘trek uit de steden’ na meer dan een eeuw ‘trek naar de stad’.


1 – De Franse situatie


58% van de Fransen die geïnterviewd zijn door het instituut IPSOS (Les Echos van 22 september 2005) kiest als woning van hun dromen een huis ‘met veel groen eromheen en de gezonde lucht van het platteland’.


Een derde van de geïnterviewden (van wie 49% onder de 35 jaar!) geeft aan van plan te zijn zich op een dag op het platteland te vestigen en 13% is vastbesloten binnen vijf jaar stappen in die richting te zetten.


Het INSEE (bureau voor economie en statistiek) constateert dat reeds tussen 1990 en 1999 de migratieaanwas van het platteland 254 000 inwoners bedroeg en die van landelijke gemeenten in zones rond de grote steden 370 000, maar dat wel volgens patronen die heel ongelijk uitpakten voor de verschillende regio’s.


Het toenemend aantal ouderen is daar mede debet aan: het aantal 60-plussers maakte 21% uit van de Franse bevolking in 1999 (dat zal in 2050 35% zijn!).


Tijdens een symposium dat in december 2004 in Saint-Brieux werd gehouden over ‘het platteland in beweging’ onderscheidt Jean-Claude Bontron, directeur van de Société d’Etudes Géographiques Economiques et Sociologiques Appliquées, toch ook andere segmenten:


·          ‘de werkende nieuwelingen’ (51% van de aangekomenen in 1999), het belangrijkste deel en meestal bestaande uit werknemers van gedecentraliseerde ondernemingen in landelijke zones;

·          gezinnen die een nieuwe woning willen en waarvoor landelijk wonen een mogelijkheid is om tegen minder kosten eigendom te verkrijgen (100 000 nieuwe woningen per jaar);

·          oprichters van ondernemingen die hun kans proberen in een landelijke omgeving;

·          gepensioneerden uit Noord-Europa, die tot 10% uitmaken van de bevolking in sommige landelijke cantons in het Zuid-Westen of het Zuiden;

·          maar ook mensen in een uitzonderlijke situatie, die in de landelijke omgeving levensomstandigheden kunnen aantreffen die minder zwaar zijn dan in een stedelijke omgeving.


Volgens IPSOS laten deze kandidaten voor de trek uit de steden zich vooral aanspreken door:


·          de aanwezigheid van winkels in de buurt (32%),

·          een infrastructuur op het gebied van onderwijs (29%),

·          openbare en particuliere diensten, post, banken,… (15%),

·          geneeskundige voorzieningen (14%).


Van hun kant vrezen de autochtonen dat deze stedelingen:


·          ‘zich niet veel gelegen laten liggen aan de gewoontes en de mensen van het land en dat dat spanningen oplevert’ (55%),

·          de stedelijke problemen meebrengen naar het platteland, onwellevendheid, stress,… (33%).


2 – Hoe zit het met de Morvan?


De Morvan is zwaar getroffen door de trek naar de stad. De bevolking van de 120 gemeentes van het Parc, die om en nabij 130 000 bewoners telde tussen 1850 en 1890 is voortdurend in aantal gedaald en telde niet meer dan 45 800 bewoners in 1999, waarvan 39 600 plattelanders en 6 200 randstedelijken in de buurt van Autun en Avallon.


De ‘landelijkste’ gemeentes hebben het meest geleden. Cussy-en-Morvan is op die manier van 2 600 bewoners aan het eind van de 19e eeuw naar 471 nu teruggelopen. De eerste wereldoorlog heeft een zware wissel getrokken: bijna een derde van de mannen van Blismes tussen de 20 en de 40 jaar is omgekomen. Dientengevolge was het aanbod van onroerend goed zo’n twintig jaar geleden aanzienlijk groter dan de behoefte: veel huizen stonden leeg, verkeerden dikwijls in slechte staat, als ze al niet op instorten stonden, en de prijzen van het onroerend goed waren bijzonder laag.


Het INSEE heeft de patronen van de bevolkingsverplaatsing in het Parc du Morvan tussen 1990 en 1999 bestudeerd (Dimensions Bourgogne nr. 120 – maart 2005):


·          zoals elders op het Franse platteland is het bevolkingsoverschot er positief: 10 900 personen die kwamen tegenover 7 840 die vertrokken (+ 3 060). Het grootste contingent nieuwkomers wordt gevormd door bewoners uit Bourgogne (4 800), dikwijls jonge gezinnen van 30-40 jaar op zoek naar ruimte rond de steden. Een derde (3 320 komers) wordt gevormd door mensen uit Ile-de-France. Het aandeel van de buitenlanders die geteld werden is in die tijd gering (550 waarvan 130 Nederlanders). Ongeveer een kwart van de bewoners van de Morvan (24%) woonde daar dus tien jaar eerder niet.

·          Helaas blijft de totale bevolking afnemen: 7 100 personen overleden – en dat cijfer is afgerond – terwijl 3 460 kinderen werden geboren (- 3 640). 36% van de bewoners is ouder dan 60 jaar tegen 19% die jonger zijn dan 20 jaar.

·          Het Parc telt 82 gepensioneerden naast 100 werkenden.


60% van de banen behoort tot de tertiaire sector, waarvan 20% alleen voor de sector onderwijs – zorg – maatschappelijke beroepen, 10% voor de overheidsdiensten, 10% voor de particuliere diensten, 5% voor het toerisme.


Landbouw en bosbeheer enerzijds, industrie en bouw anderzijds delen gelijkelijk de resterende 40% met elkaar.



3 – De Nederlanders in de Morvan


16 miljoen Nederlanders op 33 000 km2 - dat wil zeggen een dichtheidsrecord van bijna 500 per km2 - dromen van ruimte, rust, contact met de natuur.


Volgens een van hen, projectontwikkelaar, zou 60% zich bij hun pensionering graag in het buitenland willen vestigen, waarvan 40% in Frankrijk.


In dit verband beschikt de Morvan over drie troefkaarten: natuur, afstand en prijs:


·          de natuur: met zijn heuvels, zijn weiden, zijn wouden, zijn meren, vijvers en rivieren, zijn heldere en met sterren bezaaide hemel, een dichtheid van 16 inwoners per km2 kun je de Morvan beschouwen als een nog maagdelijke, ‘onschuldige’ ruimte, een soort ‘schone slaapster’;

·          als je de Ardennen voorbij bent is het het eerste heuvelachtige gebied dat je na 7 à 10 uur rijden vanuit Nederland tegenkomt. Een echtpaar dat zich in Lavault-de-Frétoy heeft gevestigd: ‘Wij hebben een kaart bekeken, het was nog geen 800 km’;

·          nadat ze de prijzen in de Dordogne de pan uit hebben laten rijzen ontdekken de Britten dat de Nivernais, de Bourbonnais en de Berry naar verhouding nog heel goedkoop blijven (Le Monde van 23 juni 2005). De Nederlanders hebben niet op hen gewacht om dat zelf in de gaten te krijgen! Een gepensioneerde uit het voortgezet onderwijs die zich definitief in de Morvan heeft gevestigd, geeft als mening dat je voor € 100 000 een huis kunt kopen dat gelijkwaardig is aan een huis van € 400 000 in Nederland. Een ander, ditmaal een ondernemer, heeft zijn huis in Utrecht met 60 m2 tuin verkocht om voor 40% minder geld een gerestaureerd kasteeltje uit de 15e en 16e eeuw te kopen met een paar hectare grond eromheen.


In tegenstelling tot de Fransen die liever een stuk grond kopen om erop te bouwen, kopen Nederlanders bijna uitsluitend oude huizen, waarvan ze het eigen karakter waarderen… en die de verdienste hebben dat ze niet meer gebouwd hoeven te worden!


Internet is een zoekinstrument maar de verkenningen vinden meestal plaats tijdens een verblijf op een camping in de Morvan. Volgens de Kamer van Koophandel en Industrie komt 58% van de overnachtingen op de campings van de Nièvre voor rekening van buitenlanders, waarvan 73% Nederlanders. Dit cijfer loopt op tot 81% in de Morvan.


Het campingbezoek en de zeer lage huizenprijzen van een tiental jaren terug hebben aanvankelijk kopers aangetrokken die tot een brede volksklasse kunnen worden gerekend. Tegenwoordig selecteert de prijsstijging de kopers naar boven toe.


Er bestaan geen recente cijfers over het neerstrijken van Nederlanders in de Morvan. Zo afwezig of marginaal dat verschijnsel in Château-Chinon en in de agglomeraties van meer dan 1000 inwoners is, zo groter in gewicht wordt het naarmate de gemeentes kleiner en landelijker zijn. Een paar voorbeelden:


·          Cussy-en-Morvan: 471 inwoners, 44 Nederlandse huizen,

·          Corancy: 356 inwoners, 40 Nederlandse huizen,

·          Blismes: 163 inwoners, 21 Nederlandse huizen.


De Britten komen eraan (15 in Cussy, 5 in Corancy), de andere nationaliteiten (Belgen, Duitsers, Amerikanen) blijven zeer in de minderheid.




ALS GOD IN FRANKRIJK


 
1 – Nederlanders en Morvandiaux ontdekken elkaar


In tegenstelling tot het arrogante beeld dat Franse politici of hoge ambtenaren of agressieve Parijzenaars in het buitenland oproepen, ontdekken de Nederlanders met genoegen en verbazing bij hun nieuwe buren in de Morvan een grote vriendelijkheid, eerlijkheid, eenvoud, beschaving en een afwezigheid van platvloersheid of overdreven ongedwongenheid.


Ze zullen te zijner tijd merken dat het niet eenvoudig is om erachter te komen wat er bij een plattelander in het achterhoofd leeft, dat het Frans subtiliteiten kent die het Nederlands niet heeft, dat stiltes heel betekenisvol kunnen zijn en dat een ontkennend antwoord wel in de gedachte is maar niet wordt uitgesproken!


Bekijken sommigen van hen hun plattelandsburen  met enige neerbuigendheid? Ze ontkennen het allemaal, maar ze moeten er maar geen eed op zweren; waarschijnlijk lijken ze wat dat betreft een beetje op bepaalde Parijzenaars!


Op hun beurt worden Nederlanders zonder probleem bekeken als buren of ingezetenen.


Ze houden hun tuin en hun huis goed bij hoewel de kleur van ramen en deuren aan de buitenkant wel eens vreemd kan overkomen. Ze respecteren de milieuregels, ze vallen niet op door nachtelijke herrie of door buitensporig alcoholgebruik en ze importeren geen drugs vanuit Amsterdam. Ze zijn gewillige ingezetenen en hebben heel wat minder noten op hun zang dan de mensen uit Ile-de-France! Soms moeten ze even tot de orde worden geroepen als het er bijvoorbeeld om gaat een bouwvergunning aan te vragen of als het gaat om kamperen buiten de kampeerterreinen of  om er illegaal een chambre d’hôte op na te houden. Na verbazing geveinsd te hebben onderwerpen ze zich over het algemeen zonder probleem aan de regels.


Proberen de Nederlanders opgenomen te worden in de bevolking en lukt dat? Voor sommige, zoals bijvoorbeeld in Larochemillay, misschien het dorp van de Morvan waar de Nederlanders het talrijkst aanwezig zijn, is de verleiding groot om in een gesloten wereldje te leven. Andere daarentegen doen duidelijke pogingen om deel te nemen aan het dorpsleven, zijn aanwezig als het Comité des Fêtes dingen organiseert of nodigen alle buren van hun gehucht uit voor een jaarlijks glaasje. De een maakt een website van zijn gemeente, een ander organiseert een concert in de kerk en, met minder succes, tai-jilessen op het plein voor het gemeentehuis.


Driehonderd van hen hebben zich verenigd in een Club du Morvan, die een nieuwsbulletin uitgeeft en waarvan de leden nauw contact met elkaar onderhouden dankzij Internet. De leiding van de club is er veel aan gelegen de leden te interesseren voor plaatselijke activiteiten; een artikel uit het clubblad behandelt de Galvachers en van het forum van de Académie du Morvan wordt gewag gemaakt op de website.


De integratie van Nederlanders laat ook de plaatselijke bestuurders niet onberoerd. Niet alle burgemeesters zijn even ontvankelijk voor en open over dit onderwerp. Sommige stellen zich tot doel, zoals de wet dat toestaat, een Nederlandse kandidatuur te bevorderen bij de komende gemeenteraadsverkiezingen; op de verkiezingslijsten zie je de eerste Nederlandse namen verschijnen.


Op het gebied van de integratie moet een aparte melding gemaakt worden van de gemeente Saint-Péreuse, 292 inwoners, 19 Nederlandse woningen, een 4-sterrencamping, die van Bezolles, waarvan de meeste gasten uit Nederland komen. Het gemeentebestuur stelt een toegang tot Internet met een webcam ter beschikking, organiseert geregeld activiteiten om de gemeenschappen te integreren, zoals cursussen folkloristische dansen, en biedt zelfs cursussen Nederlands aan de bewoners van het dorp aan (10 inschrijvingen, vaak middenstanders)! Daar staat tegenover dat een van de Nederlanders, tubaspeler, 60 musici van de muziekvereniging uit Kawitz heeft laten komen, die gedurende drie dagen een optreden hebben verzorgd in Saint-Péreuse, Château-Chinon, Montreuillon, de Beuvray en Pannecière. Ze hebben gelogeerd in de LPA van de Morvan, er is een proeverij geweest van Hollandse producten, er is een demonstratie geweest van houtkap in de bossen. Een film van 52 minuten, opgeslagen op cd-rom, heeft de gebeurtenis vereeuwigd.


2 – De cultuurschok


Zijn achting en goede wil over en weer voldoende om een culturele vermenging te bewerkstelligen?


Drie obstakels rijzen op: de taal, de verschillende cultuur en benadering van twee volken en de tegenstelling stedelingen/plattelanders.


De taal is heel duidelijk het eerste obstakel dat een goede integratie in de weg staat. Hoewel in het verleden de Nederlanders in de meerderheid, met minder of met meer succes, tijdens het voortgezet onderwijs Franse lessen hebben kunnen volgen, bedélen de nieuwe schoolprogramma’s in Nederland het Frans, net als het Duits, nog maar met mondjesmaat en dat ten voordele van het Engels. De Nederlanders in de Morvan spreken geen geweldig Frans en het ziet er niet naar uit dat met hun kinderen of met hun opvolgers die situatie beter wordt. En op haar beurt is de taal van Shakespeare te zeer onbekend bij de Morvandiaux om in de contacten als gemeenschappelijke mengtaal te kunnen fungeren. De Nederlanders geven evenwel blijk van grotere talenten dan de Fransen bij het leren van vreemde talen en sommigen van hen zouden best Franse lessen willen volgen maar dan moeten die wel gevonden kunnen worden.


De verschillen tussen volken vervagen hoe langer hoe sneller in de moderne wereld en des te eerder in Europa. Met betrekking tot het gebied van de godsdienst merkt een van hen op: ‘wij, Hollanders, zijn in grote meerderheid vrijdenkers geworden in een gezamenlijke context die sterke confessionele structuren bewaart, zoals dat op scholen en universiteiten nog zichtbaar is, terwijl jullie, in Frankrijk, verbonden blijven met de katholieke godsdienst in een strikt wereldlijke staat’. Geconstateerd moet worden dat ondanks de toewijding van Nederlandse geestelijken in de Morvan na de oorlog, de inwoners ervan niet meer godsdienstig meeleven  zelfs als schijn en vorm gerespecteerd blijven.. Over het algemeen komt het realisme van de Nederlanders in de buurt van dat van de Franse plattelanders, de eersten komen daar openlijk voor uit, de anderen verhullen het!


De sterkste cultuurtegenstelling is die tussen plattelanders en stedelingen, of ze nu uit Ile-de-France of uit Nederland komen. Diegenen van hen die voor de Morvan gekozen hebben, op latere leeftijd, hebben dat weloverwogen gedaan om zich te onttrekken aan de stad en accepteren er de consequenties van. Echter de overvloed aan zuivere lucht is niet voldoende om hun kinderen tevreden te stellen als ze adolescent zijn geworden. Een Nederlander die zich in Etang-sur-Arroux heeft gevestigd verklaart: ‘Mijn vrouw en ik houden van ons nieuwe leven, onze beide dochters die tweetalig zijn geworden voelen zich zeer op hun gemak in Frankrijk. Gelukkig studeren ze in Dijon want hier vervelen ze zich en ze zullen hier niet terugkomen’. De intellectuelen die voor de Morvan gekozen hebben passen zich aan. Zij waarderen de tentoonstellingen die in de regio georganiseerd worden. Een van hen verklaart: Ik heb vrienden ontdekt, vaak Fransen, binnen een straal van 50 km’. Een ander, gepensioneerd leraar Frans, bekent: ‘Ik ben dol op Frankrijk en op mijn nieuwe leven in de Morvan, maar als internet niet zou bestaan, zou ik me hier niet gevestigd hebben’. Een derde, die nog steeds professioneel actief is in Nederland, is blij dat hij geregeld in Amsterdam of Parijs kan ‘bijtanken’.


De muziekliefhebbers in de Morvan waarderen de komst van deze nieuwkomers wier muzikale cultuur superieur is aan de Franse en die in de zomer bijdragen om onze plattelandskerken te laten opleven met cantates en kamermuziek en dat op een spontane en vrijwillige wijze.


3 – De infrastructuur en de dienstverlening


Miranda Neame, hoofdredactrice van het maandblad French News, dat in Périgueux wordt uitgegeven (in een oplage van 50 000 exemplaren), ziet een ontwikkeling in het verwachtingspatroon van haar Britse landgenoten die zich in Frankrijk hebben gevestigd: ‘De eersten die kwamen kwamen voor het landschap en de gastronomie. Wij zien nu gezinnen komen die op zoek zijn naar een betere kwaliteit van leven. Zij kijken uit naar openbare diensten die goed functioneren, scholen met discipline, een kwalitatief goed gezondheidssysteem’ (Le Monde van 23 mei 2005). De Nederlanders, die met dezelfde problemen geconfronteerd worden, kijken opmerkelijk positief aan tegen de situatie in de Morvan, hetgeen contrasteert met het heersend pessimisme van ons:


·          De veiligheid

Het gevoel van onveiligheid in de grote steden, waar ook Nederland mee zit, is onbekend in de Morvan. ‘Ik vind het prettig te kunnen slapen met het raam open, niet mijn auto op slot te moeten doen als ik een boodschap doe.’ Veiligheid is een keuzecriterium van de eerste orde voor gepensioneerden of toekomstige gepensioneerden.


·          De verbindingen

Van het wegennet wordt gevonden dat het dicht is, van goede kwaliteit en goed onderhouden. ‘Op de wegen van de Morvan is fietsen een plezier’. Dankzij de snelwegen kun je de Morvan makkelijk benaderen maar niemand zit erover in als ze er niet binnendringen, integendeel. Wat de TGV betreft wordt het jammer gevonden dat Parijs een eindbestemming is en dat je van het Gare de Lyon naar het Gare du Nord moet gaan om in Amsterdam te komen. Als een zelfde trein Nantes-Lille kan doen, waarom dan niet Lyon-Amsterdam?


Op de digitale snelweg is de Franse achterstand het meest merkbaar. Voor de 11 miljoen Nederlandse internetgebruikers (de grootste dichtheid in Europa) maakt ADSL deel uit van het dagelijkse leven.


·          De openbare diensten

Over het geheel van de openbare diensten wordt gunstig geoordeeld. Er bestaat verbazing over  het voortbestaan van zeer gedecentraliseerde postkantoren maar ze worden wel gewaardeerd. Hoewel er nog weinig Nederlandse schoolgaande kinderen zijn, wordt de school er niet minder om geapprecieerd: het systematische en gratis ophalen van de kinderen, maaltijden waarvan de prijzen elke concurrentie tarten, geen grote klassen, individueel gericht onderwijs, de Nederlandse ouders maken zulke positieve zaken niet mee in hun eigen land!


·          De gezondheid

Het gezondheidssysteem wordt eveneens breed geloofd: ‘In Nederland hebben we een huisarts per 2500 patiënten, in het canton Châtillon-en-Bazois zijn ze met zijn drieën voor ongeveer 3 000 bewoners’. De beschikbaarheid en het luistervermogen van de Franse artsen wordt gewaardeerd. ‘Misschien gaan ze wel een beetje makkelijk om met antibiotica!’vult een van hun patiënten aan.


In 2003 stonden 42 000 Britten thuis op een wachtlijst voor een operatie. Het aanbrengen van een heupprothese kostte er € 12 000 euro tegen € 6 500 in Frankrijk. 95 van hen hebben zich laten opnemen in het ziekenhuis van Brive in het eerste halfjaar van 2004 (Le Monde van 21 april 2005). De Nederlanders, die met dezelfde situatie geconfronteerd worden, hebben net zo’n grote waardering voor de zorg in Frankrijk als onze buren aan gene zijde van het Kanaal. Zij erkennen de kwaliteit van de Franse specialisten. Verzekerd in hun eigen land als ze zijn, komen zij dankzij de Franse tarieven voor volledige vergoeding in aanmerking. Alleen de tandheelkundige zorg krijgt een onvoldoende.



4 – Het economische plaatje


- De aankoop van een huis


Zonder dat zij beschikken over precieze statistieken zijn alle betrokken beroepsmensen, notarissen, makelaars, het erover eens dat de komst van de Nederlanders de prijs van de huizen in de Morvan omhoog heeft gejaagd. Deze verhoging van de prijzen van onroerende goederen komt niet alleen voor rekening van de Nederlanders en geldt niet alleen de Morvan: volgens een onderzoek van de SAFER (société d’aménagement foncier et d’établissement rural: belast met herindeling via aankoop van landbouwgronden), De onroerendgoedmarkt op het platteland in 2004, zijn de prijzen over het hele land genomen met een index 100 in 1996 geklommen naar een index 225 in 2004, en hebben een gemiddelde prijs van € 160 000 bereikt, dat wil zeggen ruimschoots boven de prijzen van de Morvan.


Deze verhoging van de huizenprijzen heeft afgeleide gevolgen die niet gering zijn:

·          steeds minder huizen staan leeg of zijn bouwvallig in de dorpen van de Morvan,

·          het kopersprofiel evolueert naar steeds rijkere mensen,

·          deze laatste beschikken ín ruimere mate over de mogelijkheden zich te wenden tot gespecialiseerde arbeidskrachten om werkzaamheden te verrichten,

·          parallel hiermee zijn ze minder geneigd om er wat bij te verdienen en zodoende de beroepsmensen ter plaatse, die van de campings, de chambres d’hôte of de gîtes oneerlijke concurrentie  aan te doen,

·          de keerzijde van de medaille is dat het voor de autochtonen moeilijker wordt, in het bijzonder voor de jonge huisgezinnen, om in het bezit te komen van een woning.


- De dagelijkse uitgaven


Het beeld van de Nederlander die alles meeneemt en niets ter plekke koopt bestaat nog maar komt niet of niet meer overeen met de werkelijkheid. Hij is zich meer dan zijn Franse buurman bewust van de prijs van de producten en constateert de nivellering ervan als gevolg van de distributie op Europees niveau. Op zijn hoogst zal een  mini-supermarkt in de Morvan duurder zijn dan een hypermarkt in Ile-de-France, dat is de prijs die je voor de nabijheid moet betalen. Hij is zich ervan bewust en accepteert dat. ‘Ik doe voor 20% mijn aankopen bij de middenstanders in Anost, om ze te bemoedigen, en de rest in Autun, net zoals mijn Franse buren’.


Alle Nederlanders waarderen de Franse restaurants, die heel wat minder duur zijn dan die in Nederland.


Daarentegen worden de Franse tuinarchitecten, zaadhandelaren en boomkwekers met de nek aangekeken: onvoldoende keus, buitensporige prijzen. Neem bijvoorbeeld die eigenaar van een 4-sterrencamping: hij laat alleen Franse bedrijven komen om te werken, behalve voor zijn beplantingen, die komen uit Nederland ‘waar ze 90% goedkoper zijn’. Het is natuurlijk waar dat Amsterdam het wereldcentrum is van de bloemenmarkt.


De houding van de Nederlanders ten opzichte van de artisans  is genuanceerder. Het zou zo simpel zijn hen in de arm te nemen om het huis te verbeteren of er onderhoud aan te laten plegen. Hun bekwaamheid is niet in het geding, hun offertes zijn redelijk, hoewel soms met verrassingen, aangename en niet aangename (je moet wel afwachten wanneer ze komen!). Maar hoe kun je op 800 km afstand in een taal die niet de jouwe is de werkzaamheden coördineren die op één werkplek verricht moeten worden door een schilder, een loodgieter, een timmerman en een elektricien? De eerste Nederlandse ambachtslieden beginnen zich te vestigen; de sous-prefectuur van Château-Chinon  heeft er vijf geteld voor de bouwsector onder wie sommige met verschillende beroepen.


- De economische balans


Het standaardbudget in Bretagne voor een tweede woning van 90 m2 oppervlakte op een terrein van 5 000 m2 en dat twee keer per jaar bewoond wordt, wordt geschat voor de jaarlijkse onderhoudskosten (dak, deuren en ramen, verfwerk,…) op € 4 500 en voor vaste lasten (tuin, water, elektriciteit, verwarming, plaatselijke belasting,… ) op € 5 000 (Le Monde van 20 juni 2005).


Daar komen de verblijfskosten van het gezin bij. Het is niet overdreven te denken dat het budget dat een Nederlandse eigenaar van een tweede huis in de Morvan gemiddeld jaarlijks moet uittrekken ongeveer 10 à 15 000 euro bedraagt. Vergelijkenderwijs bedraagt het gemiddelde jaarlijkse inkomen dat per fiscale huishouding in het Parc du Morvan opgegeven wordt € 11 800 (bron INSEE).



WERKEN IN DE MORVAN


1 – De eerste golf


De ontdekking van de Morvan door de Nederlanders voert een eerste golf beroepsmensen aan. Ze zijn makelaar, eigenaar van een camping of chambre d’hôte, handwerksman, sommigen hebben zoveel durf dat ze een restaurant gaan houden!


Wat ze ondernemen is zo eenvoudig mogelijk; het gaat dikwijls om een echtpaar, dat bijvoorbeeld geholpen wordt door seizoenwerkers in het geval van een camping. Het zijn veertigers, ze hebben in de verpleging gewerkt, zijn marketingadviseur, socioloog, hebben bij de televisie gewerkt,… Zij komen niet naar de Morvan om er rijk te worden maar om van milieu, van leven te veranderen en meer onafhankelijk te zijn. Toch blijft hun benadering van hun nieuwe beroep zeer professioneel. En natuurlijk proberen ze meteen Nederlandse klanten te winnen wat hen beter lukt dan hun Franse collega’s; dat komt vooral omdat ze uitstekend met het internet kunnen omgaan.


Een van hen bijvoorbeeld, die twee jaar geleden met succes heeft geïnvesteerd door een camping met 65 plaatsen over te nemen, die tot dan slecht liep, verklaart: ‘70% van de Nederlanders bereiden hun vakantie voor via internet. De Fransen liggen tien jaar achterop. Mijn website wordt in het zomerseizoen 1000 maal per dag bezocht door 150 à 200 mensen’. En hij voegt eraan toe: ‘Mijn plan is succesvol gebleken omdat ik de steun heb gekregen van drie onderhandelingspartners: een gids, een boekhouder en een bankier. De eerste, een tweetalig iemand, heeft mij geholpen mijn weg te vinden in de warwinkel van de Franse administratieve procedures (Een Europese instelling Leader Plus zou het opzetten van een dergelijk profiel bekostigd hebben via een gemeenschap van gemeenten in Verteillac in de Périgord – Le Monde van 21 mei 2005). De tweede kost me nogal wat geld maar ik heb daar geen moeite mee, dankzij hem heb ik de goede keuzes gemaakt voor mijn bedrijf wat betreft financiers en belastingen. De derde heeft vertrouwen in me, begeleidt me, en de rekeningen die ik bij hem heb zijn volledig doorzichtig’. Hij onderhoudt goede contacten met de burgemeester van zijn gemeente wiens bemoedigingen hij op prijs stelt. Hij streeft ernaar dat zijn campinggasten langer blijven, te bereiken dat de Morvan niet een soort tussenstop naar het zuiden is maar een bestemming op zich. Hij probeert leuke dingen te bedenken voor zijn klanten en Fransen en Nederlanders met elkaar te laten omgaan: de petanquetoernooien zijn welbekende evenementen geworden met een gegarandeerd succes. Hij geeft zijn gasten toeristische tips of wijst hun de weg naar de naburige restaurants.


Een van zijn collega’s ziet het minder zonnig: hij was heel onaangenaam verrast toen hij in april 2005 ontdekte, terwijl het seizoen was begonnen en hij zijn tarieven had vastgesteld, dat bij het stemmen over de begroting zijn gemeente zonder waarschuwing vooraf besloten had ineens de verblijfsbelasting te verdubbelen; hij is verontwaardigd over de ondeskundigheid en de onverantwoordelijkheid van de gemeentebestuurders. Hij betreurt eveneens de oneerlijke concurrentie die landgenoten hem aandoen met onofficiële campings of chambres d’hôte, zonder belasting te betalen, zonder sanitaire controles… maar wel openlijk aangeprezen in de vvv’s!


Een derde, die overigens al zeven jaar goed geïntegreerd en op het gebied van het toerisme diverse prijzen heeft gewonnen op departementaal en regionaal niveau, blijft zich verbazen over de vormelijkheid en de starheid van hen die de openbare dienstverlening of het overheidsapparaat vertegenwoordigen. Een ambtenaar van de watervoorziening of het telefoonbedrijf probeert niet snel,  open en afdoend een antwoord te geven aan de persoon met wie hij spreekt, maar om pagina 27, alinea 5 van de procedureregeling toe te passen. Laat staan dat een belastingontvanger commercieel zou kunnen meedenken met een belastingplichtige klant…!


2 – Andere beroepen


Na de Morvan ontdekt te hebben besluiten sommigen simpelweg zich er te vestigen en er het  beroep uit te oefenen dat ze al hadden. Het kan gaan om fysiotherapeuten, verpleegsters, kunstschilders of om beroepen die dankzij internet gedecentraliseerd uitgeoefend kunnen worden.


In Cussy-en-Morvan wonen bijvoorbeeld een echtpaar decorateurs/designers en een echtpaar vertalers. Deze laatsten zijn in 2003 gekomen, zijn er in 2004 getrouwd en zijn in 2005 vader en moeder geworden van Nathalie. De echtgenote is gespecialiseerd in Nederlands-Chinees!


In Corancy heeft een echtpaar een instituut voor haptonomie geopend waar zes maanden per jaar vormingscursussen georganiseerd worden met stagiairs uit Nederland die het andere leven dat in de Morvan geleefd kan worden, waarderen.


3 – De ondernemers die geslaagd zijn


Een zeer kleine minderheid Nederlanders verdient bijzondere aandacht. Het gaat om ondernemers, vaak over de vijftig, die zakelijk voldoende succes hebben om een paar maanden in de Morvan te kunnen doorbrengen terwijl ze hun onderneming gewoon blijven leiden.


Een van hen bijvoorbeeld bezit een maatschappij in verfstoffen en een vastgoedmaatschappij. Zijn echtgenote en hij wonen vier maanden par jaar in de Morvan en willen er zes doorbrengen.


Een ander, werkzaam in het toerisme, bezit een adviesbureau in Nederland, een verhuurmaatschappij van campingmateriaal die in Frankrijk, Italië en de Benelux werkt en een camping in de Morvan. De holding company is gevestigd in Nederland. Hij verdeelt zijn tijd gelijkelijk tussen Bourgondië en Nederland.


Een derde is president-directeur van twee maatschappijen, de een ter advisering inzake personeelsbeleid, de ander ter ontwikkeling van software voor management. Hij brengt een op de vier weken in Amsterdam door; zijn echtgenote gaat dan niet mee.


Deze ondernemers zijn dynamisch, creatief, pragmatisch, realistisch, gehecht aan de Morvan, mogelijk in staat hulpbronnen te mobiliseren of investeerders bijeen te krijgen en het zou goed zijn aandacht te besteden aan hun mening over de economie van de Morvan en de mogelijkheden ervan.


4 – De grote investeerders


Ter voorbereiding van het forum is één interview afgenomen over een project dat de tien miljoen te boven gaat; het gaat om de projectontwikkeling van een ondernemer die de Morvan heeft ontdekt naar aanleiding van een contact met Fibre Active. Een oordeel uitspreken over dit project of informatie halen uit dit ene contact zou hachelijk zijn. Hoogstens kunnen we wat opmerkingen doorgeven:


·          De investeerder, die geen Frans spreekt, zou projecten op touw hebben kunnen zetten in economieën van het ‘Jonge Europa’, zoals in Polen of in Tsjechië.Veiligheidscriteria ten aan zien van goederen en mensen hebben hem ertoe gebracht er geen belang in te stellen en zich daarentegen te richten op Frankrijk en de Morvan.

·          Het is moeilijk in de Nièvre economische partners te vinden met wie over een groot project kan worden gesproken: Engels, de internationale zakentaal, wordt er weinig gesproken, buitenlandse banken zijn er niet vertegenwoordigd en de Franse agentschappen zijn te licht om reëel te kunnen discussiëren en besluiten.

·          Ondanks de belangstelling en de steun van de plaatselijke bestuurders botst onze investeerder op wat hij ziet als traagheid, de vele procedures, de afwezigheid van een constructieve dialoog, de ‘geheimen’ van het overheidsapparaat en de openbare dienstverlening.

·          Vele misverstanden, tijdverliezen en frustraties hadden vermeden kunnen worden als, net als zijn landgenoot de campingeigenaar, onze ondernemer ook geprofiteerd had van de adequate diensten van de gids, de financiële en fiscale adviseur en van de bankier.



CONCLUSIE


De komst van de Nederlanders in de Morvan is spontaan, niet te voorzien, snel en oncontroleerbaar verlopen. Het verschijnsel doet zich tegenwoordig in belangrijke mate gevoelen zonder dat we precies de omvang ervan weten noch welke richting het uit gaat. We kennen evenmin de houding, de motivatie en het gedrag van hen die gekomen zijn. Samen met andere migratiebewegingen zal het verschijnsel bijdragen aan de demografische, sociale en economische vorm van de Morvan.van morgen.


Een eerste vereiste is dat het verschijnsel aan een observatieprocedure wordt onderworpen en dat deze aanpak ook een follow-up krijgt.


Vervolgens is het van belang het verschijnsel te integreren in een ontwikkelingspolitiek van de Morvan. In een eerste fase draagt het bij aan het veiligstellen en in stand houden van het bestaande: het huizenbestand, de openbare en particuliere diensten in de buurt, de banen in de tertiaire sector. In een tweede fase kent het gebied een ontwikkelingslijn die eenzelfde traject kan volgen, maar dan in een andere stijl,  als die die de regio Provence – Côte d’Azur heeft gevolgd met betrekking tot het creëren van tweede huizen en tot het verwelkomen van gepensioneerden maar tegenwoordig ook van gedecentraliseerde beroepsmensen dankzij de explosieve groei van de communicatietechnieken en –middelen.


Deze ontwikkeling zal gecontroleerd en begeleid moeten worden met het oog op het handhaven van een maatschappelijk evenwicht hetgeen impliceert:

·          een goede integratie en gemengdheid van groepen met een verschillende afkomst in eenzelfde ruimte, hun bijdrage aan een gemeenschappelijke cultuur die verrijkt wordt door hun wederzijdse inbreng;

·          het opzetten van een huisvestingspolitiek die voldoet aan de behoeften van het geheel en zowel de natuur als het milieu respecteert;

·          de bescherming van een maatschappij waar huisgezinnen met bescheiden inkomsten, die de basis vormen van de sociale structuur van de Morvan, zich niet buitengesloten voelen.


Overigens kan het toestromen van zeer open en dynamische individuen van een opmerkelijk arbeidzaam volk een kans betekenen voor de economie van de Morvan zoals drie eeuwen geleden de uittocht van de Franse hugenoten dat was voor de Verenigde Provinciën. De Morvan moet de kans grijpen om talenten aan te trekken, om te helpen met het opzetten van projecten, om kapitaal binnen te halen.


De Morvan, in welks Parc nu het gros van de gemeentes ligt, is administratief gespreid over vier departementen die samen één regio vormen. Gemeentes, gemeenschappen van gemeentes en streken hebben deel aan zijn ontwikkeling. De politiek en nader te bepalen acties zullen hun vorm moeten vinden en gecoördineerd moeten worden tussen de verschillende deelnemers die vooraf gemotiveerd en gevormd dienen te zijn.


En laten we tenslotte de vriendschappelijke maar soms geamuseerde blik op waarde schatten van onze Nederlandse vrienden die, net als de Pers van Montesquieu ons helpt om op heilzame wijze enige afstand van onszelf te nemen!


Oktober 2005                                                   Jean-Marie DE BOURGOING

                                                                       Vice-President van de Académie du Morvan


                                                                       Vertaling: Wim KRUIZE
 
< Vorige   Volgende >

Inloggen op de site

Site-Partner

http://www.ca-centrest.fr/

Advertenties

http://www.weldom.com/
Bourgondische zaken
arbres et jardins
van houts
miranda
http://www.lafermette.nl/
http://clubdumorvan.info/minisites/gg_antargaz.htm
http://www.labornecreuse.com
http://www.versenne.com/
Vakantiehuizen in Frankrijk te huur en te koop!
maison
ronald cleas
honore
Martin Smit
http://www.sms-bourgogne.eu